Iedereen die wel eens in augustus door Gordes of Roussillon heeft proberen te lopen, weet dat dit meer weg heeft van een pretparkbezoek dan van een culturele ervaring. Je schuifelt voetje voor voetje achter de massa aan. In januari is dat compleet anders. De dorpen zijn uitgestorven, op de lokale bevolking na.
De zon staat laag, wat zorgt voor een dramatisch, goudkleurig licht dat fotografen doet watertanden. Je kunt weer ademen in de straatjes van Lacoste of Bonnieux. Ja, sommige toeristenwinkels zijn dicht. Gelukkig maar. De plekken die open zijn – de bakker, de bistro waar de werkmannen lunchen, de slager – zijn de plekken die er toe doen. Je krijgt weer een 'bonjour' die gemeend is, simpelweg omdat de ober niet overspannen is door de zomerdrukte. Het tempo vertraagt naar het ritme van het land.
Culiniar gezien is de zomer eigenlijk vrij saai vergeleken met de winter. Van november tot maart heerst de Tuber melanosporum, oftewel de zwarte truffel. Dit is geen toeristische folklore; dit is serieuze business.
Elke zaterdagochtend vindt in Richerenches (in de Enclave des Papes) de grootste truffelmarkt van Europa plaats. Dit is een schouwspel dat je nergens anders ziet. Aan de ene kant van de straat staan de busjes waar kilo's truffels uit de kofferbakken worden verhandeld voor duizenden euro's in contanten. Het gaat er fluisterend en geheimzinnig aan toe. Aan de andere kant kun je als particulier je eigen truffel kopen voor het zondagsdiner. De geur is overweldigend. Bestel na afloop een truffelomelet in het lokale café en je begrijpt waarom fijnproevers de zomer overslaan.
Men vergeet vaak waar de afkorting van de regio PACA voor staat: Provence-Alpes-Côte d'Azur. De Alpen zijn geen verre buren; ze zijn onderdeel van het meubilair. Terwijl je in Aix-en-Provence op een terras in de zon zit met een zonnebril op, liggen de skipistes op nog geen twee uur rijden.
Je hoeft voor een skivakantie niet perse naar de gigantische, onpersoonlijke fabrieken in de Savoie. Vanuit de Vaucluse sta je zo in de Zuidelijke Alpen (Alpes du Sud). Gebieden als Orcières Merlette of Superdévoluy bieden vaak meer zonuren en een relaxtere sfeer. Het is de perfecte combinatie: 's ochtends skiën, 's avonds terugkeren naar de mildere temperaturen van de Provence. Er zijn talloze wintersport gebieden in Frankrijk die specifiek op deze regio aansluiten en een compleet andere ervaring bieden dan het noorden.
Sterker nog, je hoeft de Provence niet eens uit. Wist je dat je kunt skiën op de Mont Ventoux? Aan de noordkant van deze iconische berg ligt Mont Serein, een van de oudste skistations van Frankrijk. Verwacht geen honderden kilometers piste, maar wel een charmant gebied met 12 kilometer aan afdalingen tussen de bomen, met uitzicht over de lavendelvelden in het dal.
Het is kleinschalig, goedkoop en er zijn geen wachtrijen. Als de sneeuwcondities goed zijn (check dit altijd vooraf via de webcam van Station du Mont Serein), is dit een unieke ervaring. Waar anders ter wereld kun je skiën met zicht op de Middellandse Zee bij helder weer?
Laat de massa maar in de file staan in juli. De winter in de Provence is voor de reiziger die houdt van open haarden, stevige rode wijnen, truffels en de combinatie van zon en sneeuw. Het is ruiger, echter en vele malen goedkoper. Trek een dikke jas aan tegen de wind, en je hebt het rijk voor je alleen.